Fysiotherapie in de ontstekingsfase na een acuut letsel

Fysiotherapie in de ontstekingsfase:

Tijdens fysiotherapeutische behandelingen maakt de fysiotherapeut gebruik van zowel passieve als actieve fysiotherapeutische interventies. Beide vormen van interventies komen terug in de toepassing van het POLICE Principle.

Het POLICE principe benaderd het letsel vooral vanuit de biomedische invalshoek. Tegenwoordig staat de biopsychosociale benadering op de voorgrond. Dit houdt in dat naast de het POLICE principe de persoonlijke interpretatie van de situatie en de sociale context van de persoon belangrijke aspecten zijn om mee te nemen in de ontstekingsfase. Een van de belangrijkste aspecten binnen het fysiotherapeutische handelen is dan ook het informeren en adviseren van de patiënt. Door adequate informatie te verstrekken en de patiënt adviezen te geven krijgt hij/zij inzicht in de fysiologische processen van de ontstekingen en vooral de daarbij behorende symptomen en de manier hoe ermee om te gaan. Dit leidt tot meer rust; afname van de activiteit van het sympathische systeem en tot een adequater motorisch gedrag, juist wanneer de cliënt niet bij ons in behandeling is; wat mag ik wel maar vooral wat mag ik nog niet doen in deze fase van herstel.

“ niet het half uur bij de fysiotherapeut maakt het verschil, maar de 23,5 uur dat ze niet bij ons zijn bepaalt de effectiviteit van de therapie”

(Wingerden van B. 1998)

 PROTECT:

In deze fase van de wondgenezing; de ontstekingsfase gaat het vooral om de bescherming van het aangedane weefsel. Partiële immobilisatie staat hier op de voorgrond, niet volledige immobilisatie. Het volledig immobiliseren van een gewricht leidt snel tot afname van de belastbaarheid van de verschillende bindweefselstructuren en motorische grondeigenschappen (Bring et all 2009).

Relatieve rust is een belangrijke voorwaarde in deze fase. Het aangedane gebied bevindt zich in een katabole fase, vele fysiologische processen in de vasculaire en cellulaire fasen zijn hier actief met als doel een optimale analyse te realiseren van het aangedane letsel, debris te elimineren en de eerste initiële wondkracht op te bouwen. Iedere mechanische prikkel in deze fase kan leiden tot recidief of verstoring van de fysiologische processen. Dit leidt tot een vertraging van de ontstekingsfase met alle gevolgen van dien.

Met rust wordt hier dus eigenlijk een mechanische vorm van rust bedoeld. Het aangedane bindweefsel is niet mechanisch belastbaar en moet derhalve worden ontzien.

Binnen de fysiotherapie kennen we voor rust vele mogelijkheden;

Verminderd of niet bewegen van het aangedane gebied als advies is de meest eenvoudige vorm. Hier moet duidelijk zijn dat het vooral gaat om de mechanische belasting van het aangedane weefsel. Alle andere structuren kunnen mechanische belasting verdragen en moeten derhalve ook belast worden om de belastbaarheid op peil te houden. De manier waarop de fysiotherapeut informatie verstrekt is dus bepalend voor de juiste vorm van rust enerzijds en verantwoord belasten anderzijds. Met andere woorden voor de fysiotherapeut is het een grote uitdaging om een optimale balans te vinden tussen enerzijds PROTECT en anderzijds OPTIMAL LOADING.

OPTIMAL LOADING:

De verschuiving van REST naar OPTIMAL LOADING is een uitstekende ontwikkeling in de behandeling van patiënten met een acuut letsel. De klemtoon komt anders te liggen; niet rust staat op de voorgrond maar de combinatie van rust en optimaal belasten. Steeds meer studies tonen aan dat het optimaal belasten in de ontstekingsfase, hoe gering ook, leidt tot snellere morfologische aanpassingen van het bindweefsel en het behoud van de belastbaarheid in de verschillende motorische grondeigenschappen ( Bring et all 2009, Martinez et all 2007, Khan et all 2009)

Optimal loading in de ontstekingsfase is voorbehouden aan de motorische grondeigenschappen mobiliteit en coördinatie. De fysiotherapeut probeert het gewricht vaak partieel te immobiliseren in een functionele positie. Op die wijze zijn het uitvoeren van coördinatieve oefeningen optimaal mogelijk zonder dat er teveel belasting komt op de aangedane structuur. Dat deze combinatie effect sorteert zowel in pijnvermindering als toename van de functionele status beschrijft Bleakley in zijn onderzoek bij sporters met een acuut enkelletsel. Zij kregen een gestandaardiseerd oefenprogramma de eerste 4 weken na het letsel, bestaande uit coördinatieve oefeningen, krachtoefeningen en functionele pijnvrije oefeningen. Het programma duurde 30 minuten en werd 5 keer per week uitgevoerd waarvan eenmaal per week onder supervisie van een fysiotherapeut. (Bleakley 2012)

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.