Klinisch commentaar; de klinische relevantie van de proliferatiefase

Fysiotherapie in de proliferatiefase

In de klinische commentaren van Oktober tot en met December 2017 is de klinische relevantie van de ontstekingsfase aan de orde geweest. Om meer methodiek te krijgen in de klinische relevantie van de verschillende fasen van de wondgenezing is het POLICE principe geïntroduceerd. Van dit principe wordt ook gebruik gemaakt in de volgende fase van de wondgenezing; de proliferatiefase. Uitgaande van het POLICE principe verschuift in deze fase het accent van passieve naar meer actieve fysiotherapeutische maatregelen.

Passieve fysiotherapeutische maatregelen

Alle passieve fysiotherapeutische maatregelen die hier worden uitgevoerd staan vooral in het teken van vermindering van de nog aanwezige ontstekingsverschijnselen. Denk hierbij aan de interventies van Protect, Ice, Compression and Elevation. Belangrijk bij de keuze van de interventie is dat zowel de therapeut als de patiënt de overtuiging hebben dat de interventie past bij beiden en ondersteunend is in het proces van wondgenezing.

Net zoals in de ontstekingsfase is ook in de fase van proliferatie informatieverstrekking een belangrijk onderdeel van de fysiotherapeutische behandeling. Niet alleen de fysiotherapeutische interventies leiden tot resultaat maar de interventies in combinatie met informatieverstrekking (Sassen 2008)

Actieve fysiotherapeutische maatregelen

Vanuit het POLICE principe wordt onder actieve fysiotherapeutische maatregelen Optimal Loading verstaan. Juist in deze fase van de wondgenezing zijn structuurspecifieke mechanische prikkels van essentieel belang. De toename van de synthese activiteit in deze fase van de wondgenezing vindt deels plaats op basis van het fysiologische proces van wondgenezing en deels door het zetten van structuur specifieke mechanische prikkels (transductie, stromingspotetiaal en piezo-elektrisch effect). Dat de cellen de mechanische belastingen goed kunnen registreren heeft te maken met het feit dat de vaste cellen zich vaak nestelen aan het collagene netwerk in het bindweefsel. Op deze wijze krijgen ze elke vorm van belasting mee (Wang 2004). Door het zetten van structuur specifieke prikkels neemt de syntheseactiviteit van de cel toe, veranderd de balans van productie van collagene vezels van type 3 naar type 1 en zullen de nieuwe collagene vezels welke worden gevormd zich oriënteren in de belasting richting (Magee et all 2007, de Morree 2013). Voor de fysiotherapeut betekent deze fysiologische aanpassing dat het nieuwgevormde bindweefsel mechanisch sterker belastbaar is; progressief belasten is in dit geval een voorwaarde in het verloop van het fysiologische proces van wondgenezing. Voor de patiënt betekent het dat er meer en/of intensievere activiteiten met minder pijn kan worden uitgevoerd.

De actieve fysiotherapeutische maatregelen staan in de loop van deze fase steeds meer op de voorgrond. De actieve fysiotherapeutische maatregelen kunnen onder andere worden uitgedrukt in de verschillende motorische grondeigenschappen; mobiliteit, coördinatie, kracht, uithoudingsvermogen en snelheid.

Daar het nieuw gevormde bindweefsel nog weinig belastbaarheid bezit (20-30% van het originele bindweefsel (Delforge 2003) is de mate van belasting die we als fysiotherapeut kunnen geven aan het begin van de proliferatiefase gering. Gering in intensiteit, omvang en bewegingsuitslag. Dat betekent dat het accent van de motorische grondeigenschappen vooral ligt in de motorische grondeigenschappen mobiliteit en coördinatie voor de aangedane structuur. Bij mobiliteit trainen we vooral in die bewegingsuitslag waar vooral grondsubstantie wordt belast en er een geringe mechanische belasting ontstaat op de collagene vezels. Bij coördinatie training, trainen we qua intensiteit vooral “underloaded”. Hiermee wordt bedoeld dat het gewicht nooit de beperkende factor mag zijn tijdens het uitvoeren van de oefening.

Om de algemene stofwisseling te stimuleren wordt het aerobe uithoudingsvermogen getraind. Dit kan leiden tot nieuwvorming van bloedvaten, ook in het aangedane gebied. Bovendien stimuleert het de herstelcapaciteit van de cliënt (Bant et al 2011) Krachttraining is alleen mogelijk bij bepaalde specifieke bindweefselletsels (zoals bijvoorbeeld een spierruptuur)Wanneer er sprake is van krachttraining dan vooral vormen van krachtuithoudingsvermogen.

Snelheidstraining voor de aangedane structuur is in deze fase nog uit den boze. Het bindweefsel is nog verminderd belastbaar, door het uitvoeren van snelle bewegingen neemt de kans op recidief sterk toe.

De Dalai Lama heeft ooit gezegd;

“ leer de regels daarmee je ze breken kan” .

Dit is doeltreffend voor alle richtlijnen binnen de fysiotherapie. Om in trainingstermen te spreken; de wet van de individualiteit bepaalt uiteindelijk de keuze. Tijdens een fysiotherapeutische behandeling speelt de dialoog tussen de fysiotherapeut en de patiënt welke keuzes worden gemaakt. Zowel in het bepalen van de doelen als de middelen die kunnen leiden tot het doel.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.