Oefening van de maand: one leg stand

Test van de maand: One leg stand
Beginpositie Eindpositie
De patiënt staat aan de behandelbank met de voeten op heupbreedte. De behandelbank is op navelhoogte gebracht. Ter hoogte van de navel ligt een pen. De patiënt staat aan de behandelbank met het gewicht op 1 been, het andere been is los van de vloer. De behandelbank is op navelhoogte gebracht. Ter hoogte van de navel wordt een pen neergelegd.
Bewegingsverloop Vanuit de beginpositie wordt de patiënt gevraagd om eerst op het linkerbeen te gaan staan. Ter hoogte van de navel wordt een pen gelegd. Dezelfde procedure bij het verplaatsen van het gewicht naar het rechterbeen.

Wanneer de afstand links en rechts niet groter is als 10 cm en het verschil tussen links en rechts niet groter is als 2 cm is de test negatief. Wanneer het groter is dan 10 cm en het links-rechts verschil meer is als 2 cm is de test positief.

Doelgroepen Deze oefening kan worden toegepast bij patiënten met wervelkolom klachten waarbij er mogelijk sprake is van een rotatiepatroon in de wervelkolom.
Doelen Het doel van deze test is om vast te stellen of er bij een patiënt sprake is van een compensatoir motorisch bewegingsgedrag waarbij er sprake kan zijn van een rotatiepatroon.
Uitleg Tijdens dynamische activiteiten wordt met name de lumbale wervelkolom zo snel mogelijk in een lateral shift/rotatiepositie getrokken. Het daaropvolgende verlies aan actieve stabiliteit en toename van de passieve stabiliteit geeft meer belasting op de passieve wervelkolomstructuren, waardoor rugpijn kan ontstaan. Lang staan en wandelen zijn activiteiten die pijnprovocerend kunnen zijn.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.